Roofs 2019-03-32 Hoe installeer je zonneboilers het beste?

Special zonne-energie en zonnewarmte

Zonnewarmte is een techniek waarbij de energie van het zonlicht wordt omgezet in warmte voor toepassing in een woning of bedrijf. Maar actuele kennis ontbreekt helaas nog wel eens in de branche. Daarom is er, in samenwerking met de fabrikanten van onder meer zonneboilers, een nieuwe cursus ontwikkeld.

De Rijksoverheid wil dat het percentage duurzame energie groeit: van ongeveer 5% nu tot 14% in 2020 en 16% in 2023. In 2050 moet de energievoorziening helemaal duurzaam zijn. De Nationale Energieverkenning 2016 laat zien dat het in het Energieakkoord gestelde doel van 16% hernieuwbare energie in 2023 in zicht komt. De groei van deze energie gaat echter niet zo snel dat het doel van 14% in 2020 al zal worden gehaald. Er ligt dus een uitdaging voor onder ­andere de technische installatiebranche. Maar daarvoor is dan wel de juiste kennis nodig.

Nieuwe cursus

OTIB, het Opleidings- en ontwikkelingsfonds voor het ­Technisch InstallatieBedrijf, heeft daarom voor de installatie­branche een cursus zonnewarmtesystemen laten ontwikkelen. In de cursus ‘Installeren van zonnewarmtesystemen’ leert de professional hoe een zonnewarmtesysteem op een vakkundige en veilige manier onder het dak kan worden geïnstalleerd. Ook leert hij de werking en de installatie van de verschillende componenten van het systeem. Na de cursus weet de installateur hoe hij een systeem moet vullen en hoe hij de installatie in werking moet stellen. Aan de hand van checklists wordt gecontroleerd of de installatie goed is gemonteerd en goed functioneert.

BDA Dak- en Gevelopleidingen is verantwoordelijk voor de ontwikkeling van de in samenwerking met fabrikanten tot stand gekomen cursus. Met deze opleiding is er een praktijkgerichte plek ingericht waar monteurs geschoold kunnen worden. Hiermee wil men een impuls geven aan vakmanschap op het terrein van duurzame energie. Er liggen echt uitdagingen. Als we zien wat er door Europa wordt gevraagd en aan doelstellingen op het gebied van duurzame energie wordt gesteld, hebben we vakmensen nodig. En op het terrein van zonnewarmte staan we nog in de kinderschoenen.

Twee systeemtypen

Van toepassing voor de Nederlandse markt zijn met name de drukgevulde (gesloten) systemen en de terug- of leegloopsystemen (open). Van beide systeemtypen worden meerdere varianten op de markt gebracht. Bij drukgevulde systemen staat de werkvloeistof onder druk. De vloeistof kan overal in het buizenstelsel aanwezig zijn, ook in de collector. Om bevriezing te voorkomen, moet de transportvloeistof ­antivries bevatten. Bij een terugloopsysteem kan de werkvloeistof terugstromen naar het opslagvat. Als het vriest, is de collector leeg. Daarom is er bij de transportvloeistof geen antivries toegepast.

Naast deze twee systemen, die over het algemeen het meest in trek zijn, bestaat er nog een compact systeem, waarbij het opslagvat in de collector op het dak is onder­gebracht, wat ruimtesparend is. En er is een vacuümbuis ­zonnecollector, die is opgebouwd uit een aantal vacuüm­buizen met heatpipes. Binnen een heatpipe verdampt een vloeistof door de warmte van de zon, de damp condenseert aan de koude kant van de buis, waarbij de warmte daar ter plekke weer vrij komt. Het rendement van deze ­zonnecollector is hierdoor relatief hoog, zo levert een ­dergelijk apparaat bijvoorbeeld bij een laagstaande zon in de winter of aan het eind van de dag meer warmte dan een vlakke plaat.

Practicumlokalen

Bij het innovatiecentrum van Esdec in Deventer en bij GEAS Energiewacht in Enschede zijn door BDA ­Opleidingen practicumlokalen gerealiseerd. In deze lokalen leren installa­teurs en monteurs met verschillende varianten van zonne­warmtesystemen om te gaan. Wat het practicumlokaal voor zonnewarmtesystemen in Deventer bijzonder maakt, is het feit dat de installateur/monteur hier ingevoerd wordt in ­verschillende varianten van zonnewarmtesystemen.

In het pand van Esdec zijn vier verschillende soorten zonnecollectoren met de daarbij behorende componenten, zoals opslagvaten, warmtewisselaars, pompen en elektro­nische installaties aan de wand bevestigd. In de cursus komt naast de installatie ook het in werking stellen, het verhelpen van storingen en het plegen van onderhoud aan de orde. Binnen het nieuwe practicumlokaal kunnen dagelijks ­maximaal 12 leerlingen aan de slag.

De opleiding duurt twee dagen. Na het volgen van de ­cursus kan de installateur of monteur zich inschrijven voor een examen. Bij het met goed gevolg afleggen daarvan krijgt de cursist het certificaat ‘Installeren van zonne­warmtesystemen’. Daarbij volgt ook opname in het ­Nationale Kwaliteitsregister QbisNL.nl, dat ook als een bewijs van bekwaamheid valt te zien.

Labels