Roofs 2019-04-67 Janken voor de bühne

Theo Talks

Vanwege complicaties na een hernia-operatie is Theo Wiekeraad langere tijd uitgeschakeld (zie ook het artikel ‘Afscheid van een deel van jezelf’ in Roofs december 2018). Hij blijft wel de ontwikkelingen in de dakenbranche volgen en zal hier onregelmatig zijn mening over geven.

Theo Wiekeraad

Heeft u dat nu ook? En kunt u daar ook zo slecht tegen, dat janken voor de bühne? Altijd maar wijzen naar de ander en die de schuld geven van God mag weten wat.

Enige tijd geleden werd er door Bouwend Nederland geklaagd dat aannemers hun projecten te goedkoop hadden aangenomen. In de periode van te weinig werk en lage kosten bij producenten en onderaannemers was er voor ‘weinig’ aanbesteed en gescoord. Nu de bouw beter draait en personeelstekorten en materiaalschaarste de prijzen opdrijven, lopen de uitvoeringskosten uit de hand. Ach ja, wie had dat nu kunnen voorzien?

Nu weer staat er iemand op het nieuws te verkondigen: “Er worden minder sociale huurwoningen gebouwd, omdat het bouwen daarvan het afgelopen jaar procenten duurder is geworden”. Of bedoelt de man in dit geval dat de komende tijd minder gebouwd gaat worden, omdat de aanbestedingen hoger uitvallen dan begroot? Jarenlang was het crisis in de bouw en zijn de prijzen lager geweest dan begroot door de principalen. Bij bijna iedere aanbesteding werd met een uitgewrongen aanbieding de aanbesteding gewonnen door het bedrijf met de grootste honger naar werk.

Toch jammer hè, dat niemand heeft gewaarschuwd dat na een crisis de prijzen wel eens omhoog zouden gaan. Zou men daar intern nooit over hebben gediscussieerd of over hebben gesproken?

Je zou toch denken, dat op het moment dat de prijzen zo laag waren er meer huizen gebouwd zouden worden door de grote verhuurders binnen dit land. Dat er bijvoorbeeld aanmoedigingspremies werden gegeven aan de ontwikkelingsafdelingen van deze ondernemingen (ja: ook woningbouwverenigingen worden tegenwoordig gerund als een onderneming), om een zo hoog mogelijke woonvoorraad te creëren en dus het rendement op de investeringen te optimaliseren. Oftewel klaar te zijn voor de toekomst.

Waarschijnlijk heeft men zo niet gedacht, want dan had deze man wel gezegd: “De prijzen lopen op, maar wij waren en klaar voor en het geeft niet dat we nu iets minder kunnen bouwen. De afgelopen jaren hebben we al flink geïnvesteerd en een extra woningvoorraad gecreëerd. Ja, de meeste sociale verhuurders zijn op de toekomst voorbereid.”

Tjonge jonge, wat had hij zich op de borst kunnen slaan ten overstaan van een miljoenenpubliek en wat hadden die organisaties kunnen laten zien hoe sociaal betrokken ze waren geweest in de tijd van crisis in de bouw.

Maar ja, u weet ook wel dat het zo niet is gegaan. Het geld dat over was, is in luxe opgegaan en niet in volume. Geen extra stimulans voor een sector die het moeilijk had en nu moeite heeft om de volumes aan te kunnen. De duizenden van de vakkrachten uit de diverse bouwgerelateerde branches zijn weggesaneerd en hebben dichtbij huis een leuke job zonder stress gevonden: zij hoeven niet zo nodig terug. Terug naar buiten, voor dag en dauw, vaak meer dan een uur te reizen om op tijd in het donker in weer en wind door de bagger en over gladde steigers hun kunstje te gaan doen. Altijd maar tijdsdruk, want het moet ook als het eigenlijk niet kan.

En nu maar verontschuldigen én vertellen dat het aan die anderen ligt én dat die zo duur zijn geworden én dat ze onvoldoende personeel hebben door de crisis én dat zij daar zelf echt niks aan kunnen doen én dat het zo erg is voor die mensen die nu geen betaalbare huurwoning kunnen krijgen én dat er nu van die lange wachtlijsten ontstaan én dan kan je nog maar één ding: janken voor de bühne.

Labels