Roofs 2019-09-50 Verschillende manieren om kwaliteit aantoonbaar te maken

Special Wet kwaliteitsborging voor het bouwen

Wanneer de Wet kwaliteitsborging voor de bouw (Wkb) van kracht wordt, zullen ook dakbedekkingsbedrijven langer verantwoordelijk zijn en blijven voor de kwaliteit van hun werkzaamheden. Hoe bereidt de branche zich hierop voor? Roofs sprak met André van den Engel, adjunct-directeur en hoofd Technische Zaken van brancheorganisatie VEBIDAK.

“Wij juichen alle initiatieven toe die tot doel hebben de kwaliteit van daken te verbeteren,” aldus Van den Engel. “Daarom zijn wij ook voorstander van de Wkb. De uitwerking van de wet is nog een punt van zorg, omdat ook de aansprakelijkheid van dakbedekkingsbedrijven zal toenemen. In de renovatie- en onderhoudsmarkt werkt de dakdekker veelal rechtstreeks voor de opdracht­gever/gebouweigenaar en dus is hij ook rechtstreeks ­aanspreekbaar op de kwaliteit die hij levert. Het begrip ­‘verborgen gebreken’ wordt verleden tijd, dus in alle gevallen zal bij gebreken tot ver ná de oplevering de aannemer hierop worden aangesproken. Hoe voorkomt een dakbedekkingsbedrijf dat dit tot problemen gaat leiden?”

Kwaliteit vastleggen

Van den Engel: “Nu al legt een serieus dakbedekkingsbedrijf vast wat hij doet: offertes, bestekteksten, certificaten, procescertificaten, uitvoeringscontroles, inspecties, etc. In die zin verandert er niet zo veel, behalve dat de noodzaak om dit goed voor elkaar te hebben groter wordt. Er komt meer nadruk op en men zal zich er in het vervolg meer van bewust moeten zijn. Deze (extra) documentatie zal betaald moeten worden, ik verwacht dat publieke opdrachtgevers (overheden, waterschappen, scholen, zorginstellingen, woningcorporaties) hier een voortrekkersrol in zullen gaan spelen, zij zullen een groot deel van het voorwerk doen. Andere ­opdrachtgevers zullen wellicht (nog) afzien van een dossier, maar ook dan blijft het van belang om goed vast te leggen welke ­keuzes zijn gemaakt en waarom. De opdrachtnemer draagt ­namelijk een grotere verantwoordelijkheid, zijn vakspecifieke deskundigheid zal zwaarder gaan tellen.”

Hoe ziet Van den Engel de rol van branchevereniging VEBIDAK in dit verband? “In eerste instantie zullen wij ons bezighouden met het verzamelen van kennis en ervaringen,” vertelt hij. “We hebben veel contacten met ­opdrachtgevers en opdrachtnemers en dus veel kanalen via welke we informatie kunnen verzamelen. Tot we op het punt komen dat we iets concreets te melden hebben aan onze leden. Dan kun je denken aan het organiseren van bijvoorbeeld een themabijeenkomst, maar ook zullen wij onze leden via onze ‘reguliere’ kanalen van informatie voorzien, bijvoorbeeld: individuele gesprekken, regiobijeenkomsten, ledenvergaderingen, ledenmailings en publicaties. Momenteel is het nog een beetje zoeken: wat communiceer je? Elk dakproject heeft een begin en een einde. Gesprek, advies, keuzes, offerte, werkvoorbereiding, uitvoering, onderhoud etc. Elke stap moet kwalitatief goed zijn, goed worden gedocumenteerd, aantoonbaar zijn. Meer bewustwording van een toenemende aansprakelijkheid.”

Hoe de wet precies ingevuld zal (moeten) worden, zal zich in de toekomst gaan uitkristalliseren, maar het is al wel duidelijk dat dakbedekkingsbedrijven hun geleverde of te leveren kwaliteit aantoonbaar moeten kunnen maken. Van den Engel: “Wij verwachten dat de vraag van de opdrachtgever naar dossiervorming zal groeien: productcertificaten, proces­certificaten, garanties, etc., waarbij het belangrijk is dat het certificaat iets zegt over het product in de toepassing. Je komt als dakbedekkingsbedrijf dus al snel bij KOMO certificaten terecht. Aanvullend kan de kwaliteit geborgd worden d.m.v. inspectierapporten. Wij als brancheorganisatie kunnen onze leden, maar ook hun opdrachtgevers begeleiden in het beoordelen van de bestekteksten en/of offertes, adviseren van oplossingen in nieuwbouw en renovatie en ook kunnen wij voorzien in uitvoerings- of opleveringsinspecties.”

“Er zijn verschillende manieren om kwaliteit aantoonbaar maken: procescertificatie (volgens BRL 4702), het gebruik van KOMO-gecertificeerde dakmaterialen, inspectierapporten, etc. Ook zou de vraag naar verzekerde dakgaranties kunnen groeien. Opdrachtgevers zoeken naar nog meer zekerheden en willen dat vooral met een uitgebreid dossier goed voor elkaar hebben. En met vaak vele partijen op de bouw is het soms een hele uitdaging om vat te houden op de kwaliteit.”

Geschillencommissie

VEBIDAK voert zelf inspecties uit, niet alleen voor de leden, maar ook voor opdrachtgevers. Van den Engel: “Wij worden, ook door bijvoorbeeld rechtbanken en rechtsbijstandverzekeringen, gezien als een onafhankelijke partij. Dat betekent dat onze bevindingen niet altijd in het voordeel van onze leden uitpakken. Maar als wij met de bemiddeling in een geschil de schade voor een dakbedekkingsbedrijf kunnen beperken en zijn opdrachtgever uiteindelijk toch tevreden is, zijn wij ervan overtuigd dat we een zinnige bijdrage hebben geleverd aan een oplossing. Techniek is uiteindelijk behoorlijk zwart-wit: heel veel grijstinten zijn er niet. Ongelukkige communicatie is vaak oorzaak van een geschil. Uiteindelijk wil iedereen een gang naar de rechter voorkomen en wij kunnen in deze gevallen optreden als bemiddelaar.”

Mocht dit niet lukken, hebben we altijd nog De Geschillencommissie ‘Dakbedekking’, die uitsluitend toegankelijk is voor de particuliere opdrachtgevers (ook VvE’s) van onze leden. Veel branches hebben een dergelijke geschillencommissie, omdat het relatief goedkoop is, laagdrempelig is en lange procedures voorkomt. Bovendien is de commissie terzake deskundig. Overigens zijn van de zeven zaken die De Geschillencommissie in het afgelopen jaar in behandeling had, vijf zaken vroegtijdig gestopt. In één zaak gaf de commissie de opdrachtgever gelijk en één zaak stond eind 2018 nog open.”

Kortom, op dit moment is niet alles panklaar in te vullen, maar volgens Van den Engel hebben veel dakbedekkingsbedrijven al bewezen goede praktijken in huis te hebben, waarmee invulling kan worden gegeven aan de Wkb die in 2021 van kracht wordt. “De wet wordt gefaseerd ingevoerd en de hele bouw, en dus ook de dakenbranche, zal er ervaring mee moeten opdoen. Dat is eenvoudigweg een proces waar we ingaan, in een later stadium hebben we scherper hoe en wat we communiceren naar onze leden.”

Labels