Roofs 2019-11-24 Hoe voldoet een organisatie aan MVO?

Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen

Vorig jaar ontving Kiwa BDA in Gorinchem het MVO-certificaat. De moederorganisatie is zelf ook certificatie-instelling (CI) op het gebied van Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen (MVO). In een tweeluik zal worden ingegaan op de maatregelen die een individueel bedrijf op dit gebied kan nemen en het certificatieproces.

MVO is ontzettend breed en de mogelijke maatregelen strekken zich uit van de kleinste maatregelen, zoals het standaard instellen van de printer op dubbelzijdig printen, tot een ingrijpend besluit als het volledig elektrisch laten rijden van het wagenpark. Hoe zorg je ervoor dat je organisatie op dit gebied stappen zet? En hoe beoordeel je of de stappen die worden gezet de juiste zijn? Arjen van der Drift, divisiedirecteur van Kiwa BDA vertelt dat Kiwa in 2009 het initiatief heeft geno­men tot het ontwikkelen van een systematiek van het certificeren van MVO. Hiermee stond de certificatie-instelling feitelijk aan de wieg van de Foundation Sustained Responsibility. Wereldwijd was Kiwa de eerste CI die zelf gecertificeerd was op het gebied van MVO.

Momenteel zijn er meerdere CI’s actief in de MVO-certificatie. Daardoor kan Kiwa zelf óók op dit gebied worden gecertifi­ceerd. Er zijn 33 prestatie-indicatoren, deze gelden wereldwijd. Sommige daarvan, bijvoorbeeld die op het gebied van kinderarbeid, spreken voor de West-Europese markt vanzelf, maar die zijn in andere regio’s weer heel relevant. Er blijven voor onze markten genoeg indicatoren over, zoals bijvoorbeeld energiegebruik, afvalverwerking, recycling, etc.

Top down en bottom up

Hoe gaat Kiwa hiermee om? Van der Drift: “Wij hebben als doelstelling in 2022 80% van de Kiwa bedrijven op niveau 3 gecertificeerd te hebben. Daartoe hebben wij op alle vesti­gingen een werkgroep MVO ingericht. Deze voert op de betreffende vestiging de maatregelen door en rapporteert middels kwartaalverslagen aan een landelijke MVO-werkgroep van Kiwa. Deze landelijke werkgroep rapporteert op haar beurt weer aan de internationale stuurgroep van Kiwa. De maatregelen worden dus echt ‘top down’ en ‘bottom up’ doorgevoerd: alle medewerkers kunnen hun ideeën via de lokale werkgroep inbrengen en door het contact met respectievelijk de landelijke en de internationale groep worden ideeën uitgewisseld.”

De maatregelen die worden doorgevoerd hebben betrekking op de meest uiteenlopende zaken. “Onze hoofdvestiging in Rijswijk is al sinds 2011 gecertificeerd,” vertelt Van der Drift. “De vestiging van BDA in Gorinchem heeft het certificaat in 2018 behaald, hier zijn de afgelopen periode grote stappen gezet. Zo is er een digitaliseringsslag gemaakt, waardoor veel minder papier wordt gebruikt. De verschillende afvalstromen zijn in kaart gebracht en hier gaan we slimmer mee om. We hebben zit-sta-werkplekken geïnstalleerd. Het is niet gezond om de hele dag zittend te werken, deze werkplekken zijn in hoogte verstelbaar zodat men afwisselend kan zitten en staan. Bijkomend voordeel is, merken we, dat een persoon die al staat, veel sneller geneigd is om even naar een collega te lopen voor een vraag of opmerking, waar voorheen een mailtje zou worden gestuurd.”

“Er zijn nog veel méér maatregelen, gekoppeld aan de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Het hoeft allemaal niet zo ingewikkeld te zijn, je kunt al eenvoudigweg door het aanbod van fruit in de centrale hal mensen ertoe zetten gezonder te eten. Ik krijg regelmatig een opmerking van mensen die normaal gesproken nauwe­lijks fruit eten en nu steeds in het voorbijgaan even een appeltje eten. Ook hebben wij in onze vestiging in Gorinchem een oude, niet meer in gebruik zijnde douche- en kleedruimte weer in gebruik genomen, waar deze tot voor kort als bergruimte werd gebruikt. Daarmee stimuleren we onze medewerkers om met de fiets naar kantoor te komen. Eenmaal aangekomen, heeft men dan de gelegenheid zich even op te frissen. Naast alle intern gerichte zaken, worden er ook acties ondernomen op maatschappelijk vlak. Zo staat er bij BDA sinds begin dit jaar een inzamelbox voor cartridges, inktpatronen en oude mobiele telefoons voor Cliniclowns. Iedere vestiging kan zo zijn eigen invulling geven aan de bijdrage voor MVO. In Rijswijk is bijvoorbeeld Kiwa cAREs opgezet, waarbij medewerkers worden gemotiveerd om zich als vrijwilliger in te zetten via NL Cares. Door deze organisatie­structuur hebben we een situatie gecreëerd, waarbij de vestigingen van elkaar kunnen leren. Middels een interne nieuwsbrief brengen we vervolgens iedereen op de hoogte van de maatregelen en de stand van zaken.”

Certificatie

Kiwa BDA is vorig jaar MVO gecertificeerd door DNV GL. Van der Drift: “Zelf verzorgen wij deze certificering als Kiwa ook al jaren als één van de vele certificatiediensten die wij bieden. Maar we konden natuurlijk niet onszelf certificeren, vandaar dat we een collega-CI de opdracht hebben verstrekt. Wij worden 1x per jaar op meerdere vestigingen wereldwijd geaudit, waarbij wordt beoordeeld of de organisatie nog voldoet aan alle criteria en doelstellingen.”

Juist omdat het zo’n breed thema betreft, is de systeemnorm MVO Prestatieladder opgezet, aan de hand waarvan een organisatie de te nemen stappen kan bepalen en zich op dit gebied kan laten certificeren. In de systeemnorm is duurzaam ondernemen ingedeeld in 5 beoordelingsniveaus, waarbij niveau 1 t/m 3 leiden tot een algemeen, door de branche en stakeholders aanvaarde, uitwerking van de 7 MVO-principes. Er is een doorgroeimogelijkheid voorzien middels niveau 4 en 5 naar een specifieke en onderscheidende uitwerking van de 7 MVO-principes (zie kader). In een vervolgartikel zal nader worden ingegaan op de certificatie-systematiek en de beoordelingscriteria. ■

Arjen van der Drift.


De zeven MVO-principes

Accountability – Een organisatie moet verantwoordelijkheid nemen én afleggen voor de impact die de organisatie heeft op het milieu en de maatschappij.

Transparantie – Een organisatie moet openheid geven over activiteiten en beslissingen die invloed hebben op het milieu en de maatschappij, met name aan diegenen die beïnvloed worden door de organisatie.

Ethisch gedrag – Het gedrag in de organisatie en in omgang met anderen dient te allen tijde eerlijk, integer en op gelijkheid gebaseerd te zijn, waarbij respect voor mensen, dieren, het milieu en de belangen van stakeholders essentieel is.

Respect voor belangen van stakeholders – Een organisatie dient de belangen van stakeholders te respecteren, in overweging te nemen en erop te reageren. Naast de eigenaren, leden en/of moederorganisatie zijn er andere individuen of groepen betrokken bij de organisatie deze worden stakeholders genoemd.

Respect voor de wet – Alle organisaties dienen de wet te respecteren en te accepteren als bindend.

Respect voor internationale gedragsnormen – Met name in landen waar nationale wetgeving weinig bescherming biedt op sociaal en milieugebied, dient een organisatie ernaar te streven de internationale gedragsnormen te respecteren. Samenwerking met of betrokkenheid bij organisaties die die dat niet doen dient vermeden te worden.

Respect voor mensenrechten – Een organisatie dient de mensenrechten te respecteren en daarbij het grote belang en de universele toepassing van mensenrechten te erkennen. Indien de rechten van de mens niet beschermd worden, dienen organisaties stappen te nemen die wel te respecteren en geen misbruik te maken van de situatie.

Labels