Roofs 2019-11-52 Blussen van dakbranden

Special brandveiligheid

Bij een melding van een (dak)brand is haast geboden. Hoe verkrijgt de brandweer informatie over de situatie en de materialen? Een dakbrand vanuit het perspectief van de brandweer, aan de hand van een gesprek met ploegchef Marinus van Dam van Brandweer Haaglanden.

Regio Haaglanden, grofweg Den Haag en omstreken, hoort bij de dichtstbevolkte gebieden van Nederland en daarmee is de regio verhoudingsgewijs ook één van de koplopers waar het dakbranden betreft. Wat zijn de zaken waar men tegenaan loopt, hoe behandelt men een melding en hoe bepaalt men de juiste methode? Marinus van Dam geeft aan dat er niet één antwoord is op deze vragen, omdat elke brand verschillend is. Per situatie wordt bekeken hoe men het beste kan blussen, al zijn er natuurlijk ook wel standaard procedures. Zo wordt bijvoorbeeld altijd een Risico Inventarisatie & Evaluatie gemaakt, voordat men aan de bluswerkzaamheden begint.

Oorzaken

“Dakbranden kunnen op verschillende manieren ontstaan,” aldus Van Dam. “Een bekende oorzaak is de dakdekker die de brander gebruikt in zones waar dat volgens NEN 6050 niet mag. Zonder het te weten steekt hij dan wel eens materialen (isolatiematerialen of folies) onder de dakbedekking in brand: die gaan smeulen en vaak wordt de brand pas opgemerkt als de dakdekkers al naar huis zijn. Maar er zijn veel manieren waarop een dakbrand kan ontstaan. Denk bijvoorbeeld aan dakdoorvoeren die te heet worden. Of aan zonnepanelen, die kortsluiting veroorzaken. Zonnepanelen zijn lastig te blussen, omdat ze, zolang ze licht vangen, energie opwekken.”

“Platte daken worden steeds meer gebruikt voor andere functies dan alleen de waterdichting, vanzelfsprekend houden wij deze ontwikkelingen in de gaten. Op het hellende dak zijn zolderruimtes vaak het aandachtspunt, omdat bij een binnenbrand de hitte zich verzamelt in de punt van het dak. Hierdoor kan de hier opgeslagen inboedel vlam vatten, zonder dat je dat in eerste instantie aan de buitenkant kan opmerken.”

Van Dam vervolgt: “Veel vergunningsvrije bouw, zoals bijvoorbeeld dakkapellen, vormen een risico. Een gebouw kan prima brandwerend zijn uitgevoerd, maar je ziet dat de brand zich soms alsnog via de dakkapellen kan verspreiden naar de buren. Volgens de bouwregelgeving zou dit niet mogelijk mogen zijn, maar je ziet toch dat deze bouw vaak niet voldoet aan de regelgeving op het gebied van brandveiligheid. Het is voor gemeentes ondoenlijk om hierop te handhaven.”

Beslissingen op basis van beschikbare informatie

Hoe gaat in het algemeen het blussen van een dakbrand in zijn werk? Hoe verkrijgt de brandweer de informatie om een dergelijke brand op de juiste manier te bestrijden? “Wanneer via de meldkamer een melding van een dakbrand binnenkomt, is het allereerst zaak om zo snel mogelijk ter plaatse te zijn,” vertelt Van Dam. “Onderweg probeer je zoveel mogelijk informatie in te winnen. Op basis van je eigen kennis van de stad is er vooraf ook al wel een beetje een inschatting te maken. Maar pas terplekke kan een plan van aanpak worden opgesteld: hoe is de brand te blussen, vanuit welke posities, welk materieel is nodig, etc.”

“Van sommige gebouwen, zoals overheidsgebouwen e.d., hebben we wel informatie over o.a. de dakopbouw, maar doorgaans beschikken we niet over die informatie als we bij een dakbrand aankomen. Dat betekent dus dat we het plan moeten maken op basis van de informatie die we hebben. Dat komt dus veelal aan op ervaring, je moet een brand kunnen ‘lezen’. Maar, omdat we beslissingen nemen op basis van de beschikbare informatie, komt ook wel voor dat we soms achteraf moeten vaststellen dat we het anders hadden moeten doen.”

“Vanzelfsprekend werken we ook met een risico-inventarisatie, om de veiligheid van onze mensen zo veel mogelijk te borgen. Vaak weet je de oorzaak niet, maar bij een dakbrand houden we er doorgaans wel rekening mee dat er gasflessen op het dak aanwezig kunnen zijn, die dus kunnen ontploffen. Ook is het belangrijk om te weten wat zich achter een gevel of onder het dak bevindt. Je kunt aan de buitenkant denken dat je lekker bezig bent, maar aan de onderkant kunnen, zoals gezegd, bijvoorbeeld spullen die op zolder lagen opgeslagen vlam hebben gevat.”

Risico-afweging

“Het blijft ook altijd de afweging van wat je wil redden, tegen welke inzet (en dus ook welk risico). Het gebeurt wel eens dat we uit alle macht proberen bijvoorbeeld een bedrijfspand te redden, waarbij men later besluit het helemaal te slopen om iets anders te bouwen. We kiezen er in sommige omstandigheden voor om het gebouw dat brandt gecontroleerd te laten uitbranden. In deze gevallen zijn onze werkzaamheden erop gericht om de belendende gebouwen te redden.”

Op de vraag hoe het volgens hem is gesteld met de brandveiligheid van de Nederlandse daken, gaat Van Dam liever niet in. “Je kunt daarvoor beter de statistieken raad­plegen,” zegt hij. “Mijn beleving is vertekend. Als ik in één week drie dakbranden meemaak, zal ik zeggen dat het slecht is gesteld met de brandveiligheid, maar als die de rest van het jaar niet meer voorkomen, valt het wel weer mee. Mijn beeld is ook te divers: ik kom situaties tegen waar het heel slecht is gesteld met de brandveiligheid, maar ik kom ook bij branden waar alles keurig was geregeld.”

Labels