Roofs 2020-01-38 'One of the guys'

Special instroom, Onderwijs en vacatures

Het Vlaardingse dakdekkersbedrijf Rotgans Dakwerken werd in 1996 opgericht door Addy Rotgans. Inmiddels is zijn hele gezin (vrouw en twee kinderen) werkzaam in het bedrijf. Nadat zoon Dávy bij TECTUM een vakopleiding had gevolgd, zijn nu moeder Angelique en dochter Ravenna daar ook mee bezig.

Rotgans Dakwerken is een allround dakbedekkingsbedrijf, dat vooral actief is in de regio Zuid-Holland. Het bedrijf voert met een team van 14 eigen mensen (incidenteel aangevuld met vaste externe medewerkers) de meest uiteenlopende werkzaamheden uit voor zowel het platte als het hellende dak. Tot voor kort opereerde het bedrijf vanuit de gezinswoning in Vlaardingen, maar recent is het bedrijf verhuisd naar een locatie aan de Mercuriusweg in Vlaardingen, alwaar men een ruime kantoor- en opslagruimte tot de beschikking heeft, alsook een buitenruimte. Het past allemaal in de ontwikkeling van het bedrijf, dat onlangs ook VEBIDAK-lid werd.

Vallen en opstaan

Er zijn wel meer familiebedrijven actief in de dakenbranche, maar bijzonder aan dit bedrijf is dat inmiddels het hele gezin erin werkzaam is. Het is aan moeder Angelique te danken dat de kwaliteit van werken steeds meer wordt geborgd met diploma’s. Tot de oprichting van het dakdekkersbedrijf was zij werkzaam in de kledingbranche. Ze stapte in het bedrijf om haar man op kantoor te ondersteunen. Dat kwam op dat moment ook privé heel goed uit, omdat de kinderen nog klein waren en er ook een hond was die vanaf dat moment niet meer alleen gelaten hoefde te worden.

Zoon Dávy was nog leerplichtig toen hij het ­dakdekkersvak van zijn vader leerde. Hij volgde op dat moment een opleiding metaalbewerking en na zijn stageperiode ging hij met zijn vader het dak op. Hij vond het dakdekken direct erg leuk en wilde voor dat vak kiezen. Zijn moeder wilde dat hij dan een vakopleiding bij TECTUM zou volgen, maar zelf zag hij dat niet zitten en ook vader Addy was van mening dat de praktijk de beste leerschool was. “Ik vind het belangrijk dat onze kinderen met vakdiploma’s het beste uit zichzelf halen en daarom heb ik volgehouden tot Dávy bij TECTUM de Basisberoepsopleiding kon en wilde volgen. Het ging niet zonder vallen en opstaan, maar hij heeft uiteindelijk de Basisberoepsopleiding afgerond.”

“Daarna was het wat mij betreft wel klaar,” vertelt Dávy. “Ik wilde het dak op en samen met mijn vader aan het werk. Maar daar was mijn moeder het niet mee eens: ze wilde dat ik door zou gaan. Ze zei dat ik nu de basis had geleerd, maar dat ik door moest gaan als ik verder wilde komen. Uiteindelijk vond ik wel dat ze gelijk had. Mijn vader trouwens ook: hij zag dat ik me als vakman veel sneller ontwikkelde dan hij zelf als opleider voor elkaar had kunnen krijgen. En het idee was toch ook dat ik uiteindelijk het bedrijf over zou nemen. Daarom ging ik door met de Beroeps­opleiding niveau 3. Dat ging heel erg goed, dus ik ben doorgegaan met de OKD-Kader en de OKD-Top. Dat vond ik wel zwaar, maar ik had nog geen gezin, dus kon ik ook in de avonduren studeren.”

Samen opleiding volgen

Dat is een voordeel dat zijn zus Ravenna niet heeft. Zij was werkzaam in de zorg, maar voelde zich in die branche niet helemaal thuis: vanwege de cultuur en de werkdruk. Toen ze eenmaal moeder werd, besloot ze zich bij het familiebedrijf aan te sluiten. Dat kon, vonden haar ouders, als ze zich net als haar broer in het vak zou laten scholen. “Dan pas weet je goed waar je het over hebt,” hield haar moeder haar voor. Afgelopen oktober is ze daarom begonnen met de Basisberoepsopleiding bij TECTUM. Om haar te ondersteunen, is moeder Angelique tegelijk met haar aan de opleiding begonnen.

De opleiding bevalt Ravenna goed, al is het ook zwaar. “Ik vind de lesstof niet gemakkelijk, het is best heel technisch, wat ik niet gewend ben. Ik heb een klein kind thuis en dat maakt het natuurlijk ook intensief. Het is fijn dat mijn moeder tegelijk ook de opleiding volgt, dat we elkaar kunnen helpen.” Ook Ravenna is van mening dat het na het behalen van het diploma voor de Basisopleiding wel weer welletjes is. Haar moeder en broer zouden het echter verstandig vinden als ze daarna doorgaat. “De OKD-opleidingen zijn minder technisch en gaan meer over personeelsmanagement en dergelijke,” zegt Dávy. “Het moeilijkste heb je dan al gehad.” “Als allebei de kinderen het bedrijf over willen nemen, is het ook goed dat ze allebei een gelijkwaardige opleiding achter de rug hebben,” voegt Angelique toe.

Is het als vrouw in een mannenbranche niet extra moeilijk? Beide vrouwen vinden dat wel meevallen. “Ik draai al zo lang mee in deze branche, ik ben niet anders gewend,” zegt Angelique. Haar dochter geeft aan zich goed thuis te voelen in de dakenbranche. “In mijn vriendengroep ben ik vaak ‘one of the guys’,” lacht ze. “Vaak ga ik met de jongens mee naar de kroeg, waar veel van de vrouwen uit mijn vriendenkring niet welkom bij zijn.”

Overigens kan het nog een hele tijd duren voordat Dávy en Ravenna het familiebedrijf overnemen. Hun vader is vooralsnog niet van plan om ermee op te houden als hij de pensioensgerechtigde leeftijd bereikt. Hoe dan ook ligt er nu een stevig fundament onder het bedrijf. Over een tijdje hebben immers alle medewerkers een gedegen opleiding gevolgd en heeft de organisatie de nodige vak- en praktijkkennis in huis.

Labels