Roofs 2020-01-41 Zó 2020+!

Theo Talks

In deze rubriek geeft Theo Wiekeraad zijn mening over de dakenbranche en aanverwante onderwerpen.

Ik weet het: soms krijg ik informatie door die niet altijd 100% betrouwbaar is. Ik hoor in gesprekken wel eens dingen die ik wil horen maar ook droom ik ook weleens voor me uit. Met al die pijnstillers weet ik soms niet meer wat echt was en wat niet.

Gaande een telefonisch (of was het een telepathisch?) gesprek dacht ik laatst te horen wat er binnenkamers speelde en werd mij wat gevraagd wat ik er van vond. “Dat lijkt me wel wat. Ik zie de voordelen voor de dakdekkers wel,” zei ik.

O, u heeft er niets van gehoord?

Ik hoef u waarschijnlijk niet te vertellen dat aannemend Nederland nog steeds een kleine hartverzakking krijgt als het bruto uurloon van een dakdekker ter sprake komt. Zeker als dat het loon inclusief de weersverletkosten is. Dan zien we de gemiddelde aannemer wit wegtrekken. We moeten massaal op zoek naar zijn puffer, anders komt hij nooit meer op adem. Ja, het opzetpercentage is ongelofelijk. Maar niet als ik nu naar buiten kijk en constateer dat het nu 11 uur ‘s ochtends is en het sinds 3 uur vannacht nog geen seconde droog is geweest. Deze dag wordt er weer weinig tot niets verdiend op het dak.

Natuurlijk wordt er over de breedte getracht onze mede­werkers productief te houden. Tegels leggen, onderhoudscontacten uitvoeren, onderhoud eigen materieel etc. etc.. De meeste uitvoerders houden hun poppetjes voor een deel van de tijd wel aan het werk. Maar soms is het echt te slecht en te langdurig om een fatsoenlijk belegde boterham te kunnen verdienen. In een tijd waar ‘multifunctioneel’ één van de speerpunten is, is het de vraag: is dit soort mono-technisch vakmanschap, zoals dat van de dakdekker, nog wel van deze tijd?

Zouden de dakdekkers van de toekomst bij dit soort omstandigheden niet in een binnenomgeving nuttige werkzaamheden kunnen uitvoeren? Er moeten toch wel oplossingen te bedenken zijn om het weersverlet van dakdekkers op de bouwplaats om te zetten in productieve tijd? In een periode waar ‘kostenreductie, leanplannen en partners in de bouw’ het credo van zo’n beetje iedere zichzelf respecterende aannemer is, moet daar op managementniveau toch op zijn minst over nagedacht worden. Een medewerker die een veelvoud van een timmerman per uur kost en samen met zijn partner de binnenzijde van zijn autoruiten zit te bewasemen, omdat het regent, is niet tof. Maar als iedereen zegt: ‘O, dat is altijd al zo geweest’, dan is er echt iets mis in Nederland Bouwland.

Welnu, van één van die momenten herinner ik me dat er tussen verschillende partijen gesprekken over bijscholing werden gevoerd. Ze zouden aan het gezamenlijk ontwikkelen van ­cursussen voor jonge, redelijk ervaren dakdekkers denken. Herfst (te nat) en winter (te koud). Cursussen, waarin dakdekkers worden geschoold in nuttige, ondersteunende handelingen voor disciplines in de bouw. Ze denken eraan om vitale, plezierige medewerkers die iets met hun handjes kunnen erbij te betrekken. Deze kunnen zich dan nuttig maken in de bouwketen. Dakdekkers, die nog niet zijn afgestompt door bij regen en vorst naar een bouwplaats staren, omdat het buiten onwerkbaar weer is. Daar willen ze de dakdekkerij mee wakker schudden.

Eerlijk: ik weet niet meer waar en wanneer ik het hoorde of misschien droomde.

Maar stel: het is wél waar, dan is het natuurlijk niet zomaar geregeld. Er zal ten aanzien van verantwoording en aansprakelijkheid nog een robbertje worden gevochten. Maar wat zou het heerlijk zijn als uw dakdekkers daarin een voorlopersrol willen spelen. U krijgt dan niet alleen Multidisciplinair Inzetbaar Personeel voor in de bouw, maar ook voor uw eigen renovatieklussen worden dit de toppers van de toko. Wat een uitstraling zou dat op uw bedrijf geven. En het is zó 2020+!

Labels