Roofs 2020-02-58 In hoeverre is asbest aanwezig in dakbedekkingsmaterialen voor het platte dak?

Special dakbedekkingen

Het kwam als een donderslag bij heldere hemel dat het reeds breed geanticipeerde wetsvoorstel Asbestdakenverbod, waarin bepaald werd dat per 2024 alle asbestdaken verwijderd zouden moeten zijn, werd verworpen. De noodzaak om asbestdaken te saneren is echter niet verdwenen, integendeel.

De discussies rond asbest lopen nog steeds. De Tweede Kamer nam op 19 december 2019 een motie aan die een eind moet maken aan een regeling die leidde tot peperdure asbestsaneringen. De motie richtte zich op de positie van de stichting Ascert, in 2012 vastgelegd in een overeenkomst met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Door deze centrale positie wordt volgens de Tweede Kamer in de hand gewerkt dat het saneren van asbest een tijdrovende (en kostbare) klus wordt.

Het onderwerp asbest is veel breder dan alleen de daken, maar de asbestdaken vormen wel een belangrijk onderdeel van het vraagstuk. Hoe gaat het onderwerp zich ontwikkelen en welke rol zal de dakenbranche hierin moeten spelen? Het lijkt onwaarschijnlijk dat er nog een wettelijk verbod op asbestdaken van kracht zal gaan. Maar daarmee is het probleem niet weg. De in Nederland aanwezige asbestdaken verouderen verder, waarmee ze meer vezels zullen los­laten. Ook zullen calamiteiten met branden van asbestdaken (met alle maatschappelijke schade en onrust van dien) tot veel ongedekte schade leiden.”

Saneren is noodzakelijk

Er zal daarom beleid moeten komen over het antwoord op de vraag, hoe met deze oude asbestdaken moet worden omgegaan. Verzekeraars willen er niet meer aan, dat is duide­­lijk. Asbestdaken worden onverzekerbaar en mettertijd ook onverkoopbaar. Wie wil het risico lopen op een asbestbrand met alle financiële gevolgen van dien (saneringen, overlast, gederfde omzet, schadevergoedingen etc.), wanneer je uit zoveel onroerend goed zonder asbestdaken kunt kiezen? Die kosten kunnen oplopen tot in de honderdduizenden, zelfs miljoenen euro’s, inclusief alle saneringen en overige overlast. Dat is niet te verhalen op de gebouweigenaar en als er al verzekeringsdekking is, zal die dekking mogelijk niet hoog genoeg zijn. Maar dan komen die kosten uiteindelijk voor rekening van de gemeenschap, want je kunt het niet laten liggen op de straten, bermen en voetbalvelden. Daarom doen overheden er verstandig aan om de verwijdering van asbestdaken toch beleidsmatig actief te bevorderen, ook al is het wettelijke Asbestdakenverbod van de baan. Dat is in hun financiële belang en ook in het belang van de volksgezondheid, dat ook hun zorg is. Eén zo’n asbestbrand kost ontzettend veel meer dan wat subsidiering en goedkope leningen verschaffen.

De noodzaak van de dakenbranche om met dit onderwerp aan de slag te gaan is dus onverminderd. De dakenbranche heeft tot nu de kansen gemist, wellicht omdat ze die niet hebben gezien. Een asbestdak eraf, betekent in de meeste gevallen een nieuw dak erop. Er zijn in de aanloop naar het Asbestdakenverbod wel initiatieven geweest, maar sinds het verbod van de baan is, zie je dat de aandacht weer is verflauwd. De dakenbranche doet er verstandig aan om actief met dit onderwerp aan de gang te gaan, op het gebied van innovaties, het aangaan van samenwerkings­verbanden en ook in het onder de aandacht brengen van dit onderwerp, en zodoende te anticiperen op de ontwikkelingen. Andere partijen doen dit ook al.

Platte asbestdaken?

Hoewel het grootste deel van de asbestdaken hellend is ­(asbest bevindt zich met name in cementgebonden producten als golfplaten), is het goed om ook op het platte dak alert te zijn op de aanwezigheid van asbest. Met name op oude, te renoveren daken is er mogelijk asbest aanwezig in de dakconstructie. Denk daarbij bijvoorbeeld aan teermastiek en asbestvilt of -papier. Tegelijk moet gesteld worden dat er in de markt hierover veel onjuistheden de ronde doen. Daarom heeft branchevereniging ProBitumen al enige tijd geleden een factsheet opgesteld om gebouw­eigenaren, dakdekkers, sloopbedrijven en afvalverwerkers zo goed mogelijk te informeren over dit onderwerp.

Sinds de markt overging van mastiek naar bitumineuze daken is het gebruik van asbest in dakbedekkingen aanzienlijk teruggebracht. Het is algemeen bekend dat er tot eind jaren ’70, begin jaren ’80 asbestvezels als versterking werden toegevoegd aan bitumineuze pasta’s en kitten. Na die tijd zijn er ter vervanging van de asbestvezels kunststof vezels in de producten verwerkt, of is een andere methode gevonden om een hogere viscositeit te bereiken. Deze producten worden gebruikt bij detailleringen (zoals dakdoorvoeren, hemelwaterafvoeren en dakrandafwerkingen) en kleine dakreparaties. Op deze plaatsen zou in daken van vóór 1985 gebonden asbest kunnen worden aangetroffen. (Bitumineuze) daken van na 1985 zijn dan ook niet asbestverdacht. Bij daken van vóór 1985 bestaat de kans asbest aan te treffen uitsluitend bij detailleringen. Normaal gesproken worden deze detailleringen bij onderhoudswerkzaamheden vernieuwd. Daarom is het belangrijk te weten wanneer deze detailleringen zijn aangebracht en wat de historie van het dak is. Bij daken van vóór 1960 kan incidenteel gebitumineerd asbestvilt worden aangetroffen.

Labels